Op deze pagina verschijnt af en toe eigen werk (in uitvoering).
Schoolplein
Zij is twaalf. Op haar jurk
valt een dun laagje licht -
het silhouet van geluk - nu
is dichtbij - het valt samen
met haar lach.
Licht
Wij splijten
het duister wij
spelen met
vuur
Wij dragen
het leven wij
delen het
nu
Zomers
Vuur:
krachtig braadt de zon de aarde
eet de rode hitte uit de haard
smaak het hart op de tong.
Lucht:
de zon blaast rook in
de blauwe lucht tot wolkenformaties
proef de longen van binnenuit.
Water:
turkoois op de blote huid
zweet siert de borst
open de kraan, adem dorstig de wijn.
Aarde tenslotte:
tijdig rolt de kever
een wereldbol naar het licht
wees grondig, zuig je vast.

Lot
Ik ben boos, verontrust, ongelukkig
omdat de wereld om ons heen
uiteenvalt, smelt, vervuilt.
Ik heb het in handen
mijn eigen, ik houd het stevig vast
het ontglipt me
slaat stuk tegen de tegels
kaatst naar me terug
stuitert hoog boven me
wordt door een ander opgevangen
Ik ben gelukkig, blij, tevreden
terwijl de wereld om me heen
smelt, kraakt, smaalt.
febr. 07

Gedicht
Ik ben de ware wijnstok die tot u
spreekt, ik ben de weg, de waarheid
het leven zoals het zich gemiddeld
niet openbaart komt hier aan het licht
naaktslak 's ochtends vroeg op een pad
van nat mos onder de laurier
verdroogde vrucht aan een struik
die eeuwig voort groeit
Neem de proef op de som
pluk mij, raak me aan
pers me tot wijn
okt. 04